2025-08-06 Yerseke Moer (198 foto's)
35 vogelsoorten gespot
5 dagvlindersoorten gespot
7 bijensoorten gespot waarvan 1 nieuwe soort: Grashommel

Schijn bedriegt

Op 6 augustus gaan we naar de Yerseke Moer. Dat is een van de wandelingen van Jolanda haar lijstje voor bijzondere soorten.

Als we uitgestapt zijn hebben we de indruk dat we een leeg gebied in gaan omdat er geen bomen of struiken aanwezig zijn, maar tijdens de wandeling blijkt dat schijn bedriegt.
Er zijn gelukkig voldoende planten waar hommels en andere vliegende beesten op zitten. Het zijn er niet zoveel als we hadden gehoopt, maar genoeg om ons bezig te houden.
We fotograferen zo een beetje elke hommel die we zien en gelukkig voor ons levert dat ook onze wenssoort, de grashommel, op.
Behalve het kleine vliegende spul blijken er ook nog best een flink aantal vogels te zitten, en de variatie aan grondsoorten levert Jolanda aardig wat nieuwe planten op, dus we stappen uiteindelijk zeer tevreden de auto in.

Op het bord naast de ingang wordt de Yerseke Moer alsvolgt beschreven:
ZILT EN AFWISSELEND
Je staat hier in een van de meest waardevolle natuur- en cultuurlandschappen van Zeeland.
Hier ligt, onder een laag zeeklei, een onderlaag van zout veen.
Tot in de 15e eeuw zijn grote delen van dit veen (turf) weggegraven, met een hollebollig landschap als resultaat.

Dat levert nu hoge natuurwaarden op: door de hoogteverschillen is er veel variatie in groeiplaatsen.
Van wat hoger, droger en zoeter, tot wat lager, natter en zouter.
Een zeer gevarieerde begroeiing is het resultaat.
In dit gebied komen jaarlijks vele weidevogels tot broeden, en in het najaar overwinteren hier duizenden ganzen en eenden.

ZOUT VEEN EN KREEKRUGGEN
Tot zo'n 2000 jaar geleden lag hier een zoetwatermoeras, waardoor een dik veenpakket ontstond.
Rond 350 na Christus overspoelde de zee het gebied, doordrenkte het veen met zout en bedekte het met een laag klei.
Er sleten diepe kreken uit, die later geleidelijk dichtslibden met zand en klei.
Op den duur klonk het veen in, waardoor de zandige kreekbodem relatief hoger kwam te liggen.
Vanaf ca. 800 namen mensen deze droge kreekruggen in gebruik als wegen en voor nederzettingen.
Na de bedijking in de 11e eeuw werden de lagere stukken, waar ook zout kwelwater boven komt, gebruikt als grasland

MOERNERING
Tot in de 15e eeuw werd hier op grote schaal veen gestoken (moernering); het zout in het veen was veel geld waard.
Er is in Zeeland zelfs zoveel weggegraven, dat hele dorpen en de stad Reymerswael in de golven zijn verdwenen.
Waar het veen was weggestoken, werd de afgegraven deklaag van klei weer slordig teruggegooid.
Deze moernering heeft de Yerseke Moer het hollebollig uiterlijk gegeven.

Klik op een foto voor een groter beeld. (klik hier voor een andere wandeling)   (Google Map van de wandeling; Google Map van de autorit)